„Wie heeft er een zaklamp in huis?” Heel wat handen gaan de lucht in. „Twee zelfs!” roept iemand zelfverzekerd. „Een beneden, een boven.” „Mooi. Doen de batterijen het nog? Heeft u reservebatterijen? En het lampje zelf? Controleert u dat af en toe?” Dan is het ineens een stuk stiller in de zaal.